Bijwerkingen, ofwel ongewenste effecten, van pipamperon

Wordt gegeven bij: ernstige gedragsproblemen, psychoses, ADD, ADHD

Medicijnen hebben ook ongewenste effecten; dat noemen we bijwerkingen.

In de bijsluiter staan een heleboel bijwerkingen genoemd.

Sommige bijwerkingen die in de bijsluiter staan komen heel zelden voor.

Let op: als je ergens last van krijgt of als je je niet lekker voelt, op welke manier dan ook: vertel het aan je behandelaar. Dat zou een bijwerking kunnen zijn die je hier niet ziet staan. Je behandelaar zoekt uit of het een bijwerking is of iets anders.

Hieronder staan de bijwerkingen die vaak voorkomen of die gevaarlijk kunnen zijn.

Dat wil echter niet zeggen dat jij die bijwerkingen ook krijgt. Maar als je een bijwerking krijgt, staat de informatie erover hieronder.

Koorts

Als je koorts krijgt, moet je dat meteen aan je behandelaar vertellen.

Vooral als ook je spieren stijf worden, of stijf aanvoelen.

Waarschijnlijk heb je gewoon griep of iets anders.

Maar soms krijg je koorts door pipamperon en dat kan gevaarlijk zijn.

Onprettig gevoel

  • Soms gaat je denken langzaam, of lijkt alles om je heen vreemd, veranderd.

Als dat gebeurt, voel je het meestal meteen na de eerste keer innemen.

Vertel dit altijd aan je behandelaar.

Het kan komen doordat je een te hoge dosis slikt.

Overleg met je behandelaar of je een lagere dosis kunt slikken.

Als een lagere dosis slikken niet helpt, kan je behandelaar misschien een ander middel voorschrijven.

Licht in je hoofd of duizelig

Soms voel je je licht in je hoofd of word je duizelig, vooral als je opstaat.

Je kunt daardoor vallen.

Dat gebeurt vooral als je net met pipamperon begonnen bent.

Zorg dat je langzaam opstaat uit bed of uit een stoel.

Vertel het aan je behandelaar. Die kijkt of het aan pipamperon ligt of dat er iets anders aan de hand is.

Meestal gaat het na één of twee weken over.

Suf, slaperig

Overleg met je behandelaar of:

  • je pipamperon alleen 's avonds kunt innemen
  • je een lagere dosis kunt slikken.

Als je pipamperon een aantal dagen slikt, wordt de sufheid langzaam wat minder.

Stijve spieren, ingeperkt voelen

Soms krijg je van pipamperon een beetje stijve spieren. Je bewegingen gaan houteriger.

In overleg met je behandelaar kun je een lagere dosis proberen.

Als dat niet helpt, kan je behandelaar een ander middel voorschrijven.

Er zijn ook middelen die tegen deze bijwerking helpen.

Spierkramp

  • Soms trekt ineens je hoofd naar één kant.
  • Of je krijgt plotseling kramp aan één kant van je nek of hoofd.
  • Of je ogen draaien weg.

Dat gebeurt maar bij enkele mensen die pipamperon slikken.

Maar het kan heel vervelend zijn. En het kan je angstig maken.

Het is niet gevaarlijk.

Dit soort spierkramp komt bijna alleen voor als je net begint met pipamperon.

  • Of als je net begonnen bent om een hogere dosis te slikken.

Als je hier last van hebt, kun je je behandelaar bellen.

  • Die kan dan een middel geven dat er meteen tegen helpt.

Onrust, bewegingsdrang

  • Je voelt je onrustiger.
  • Je moet de hele tijd bewegen, opstaan, lopen.
  • Je kunt maar kort stilzitten.

Dat heet bewegingsdrang en zo voelt het ook.

Vertel dat aan je behandelaar.

  • Een lagere dosis pipamperon slikken is te proberen, maar helpt lang niet altijd.
  • Er zijn verschillende middelen tegen deze bijwerking. Vraag het aan je behandelaar.

Je behandelaar kan een ander middel dan pipamperon voorschrijven.

Dik worden en aankomen

Van pipamperon kun je behoorlijk snel dikker worden en dat is niet gezond.

  • Het is erg lastig om je overgewicht weer kwijt te raken als je al veel dikker bent geworden.
  • Later, als je ouder bent, kun je hierdoor suikerziekte (diabetes) krijgen en zelfs hart- en vaatziekten. Dat krijg je niet meteen, maar het is wel de reden om snel iets te doen. 

Als je dikker wordt, vertel het dan aan je behandelaar.

  • Die weegt je dan en ziet ook meteen of je veel zwaarder bent dan bij de eerste keer dat hij je woog, voordat je pipamperon gebruikte.

Als je inderdaad dik wordt van pipamperon, kan je behandelaar je adviseren over het maken van aanpassingen in je leefstijl of hij/zij zal een ander middel voorschrijven; tenminste, als dat kan.

De seks gaat niet goed meer

  • Je hebt geen zin meer in seks.
  • Je kunt niet meer klaarkomen.
  • Je krijgt geen erectie meer.

Je kunt een aantal dingen proberen om seksuele bijwerkingen te verminderen:

In overleg met je behandelaar kun je een lagere dosis proberen.

Als dat niet helpt, kan je behandelaar een ander middel voorschrijven.

Viagra of een soortgelijk middel kan ook helpen.

  • Dat slik je alleen voordat je seks wilt hebben.
  • Overleg dit wel met je behandelaar, want Viagra kan bijwerkingen hebben op je hart en je bloeddruk.

Er zijn nog wel andere middelen die je behandelaar kan geven tegen deze bijwerkingen.

Veranderde menstruatie

Soms wordt je menstruatie onregelmatig of blijft zelfs weg.

Vertel dit in ieder geval aan je behandelaar.

Overleg met je behandelaar of je een lagere dosis kunt slikken.

Je behandelaar kan een ander middel voorschrijven, waarbij problemen met je menstruatie waarschijnlijk niet optreden.

Er zijn ook middelen die tegen deze problemen met de menstruatie helpen.

Pijnlijke borsten, melkafscheiding

  • Bij vrouwen worden de borsten soms pijnlijk.
  • Of er komt (vanzelf) melk uit de borsten.
  • Bij mannen en jongens kan hetzelfde gebeuren.
  • Een heel enkele keer krijgen jongens een harde schijf onder hun tepels. Het lijkt dan net of ze een borst of borsten krijgen.

Vertel dit aan je behandelaar.

Je behandelaar kan een ander middel voorschrijven, waarbij deze bijwerking waarschijnlijk niet optreedt.

Er zijn ook middelen die tegen deze bijwerkingen helpen.

Onwillekeurige bewegingen

Na maanden of jaren innemen van pipamperon kunnen onwillekeurige bewegingen ontstaan.

Dat zijn bewegingen waar je niets aan kunt doen, ze gebeuren vanzelf.

Je gaat bijvoorbeeld je tong steeds maar bewegen of kauw- of smakbewegingen maken.

Dat heten 'tardieve dyskinesieën'.

Vaak merken anderen dit eerder op dan jij zelf.

Deze bijwerkingen treden zelden op.

Maar ze kunnen vervelend zijn.

En het kan moeilijk zijn er vanaf te komen.

Daarom moet je meteen aan je behandelaar vertellen als jij of anderen vinden dat je rare bewegingen maakt.

Let op: deze informatie vervangt de officiële bijsluiter niet. Lees de gebruiksvoorwaarden.
© Kenniscentrum Kinder- en Jeugdpsychiatrie.

Deel deze pagina via:
Reageren

Kunnen we dit artikel verbeteren? Ontbreekt het aan inhoud, of vond je niet precies wat je zocht?
Laat het ons weten.