Home   ›   Dwangstoornis

Dwangstoornis

Betrouwbare kennis over een dwangstoornis, speciaal geschreven voor jongeren. Wat is een dwangstoornis? Hoe weet je of je het hebt? Welke behandelingen zijn er?

 

Misschien ben je bang dat er iets naars gebeurt, en heb je daarom het gevoel dat je steeds iets opnieuw moet doen. Je wil bijvoorbeeld telkens opnieuw je handen wassen, omdat je bang bent dat je anders ziek wordt. Of je kijkt heel vaak of de deur wel echt op slot zit. Soms heb je het gevoel dat je iets ‘moet doen’ om een vervelend gevoel weg te krijgen. Als dit je dagelijkse leven beheerst dan kun je een dwangstoornis hebben.
Jongen metro

>> Heb je (meer) last van angst of dwang door het coronavirus? Lees hoe je daarmee om kunt gaan.

De teksten zijn opgesteld in samenwerking met experts en ervaringsdeskundigen. Het Kenniscentrum Kinder- en Jeugdpsychiatrie houdt deze informatie up-to-date.

Wat is een dwangstoornis?

Iedereen kijkt weleens of de deur goed op slot zit. Maar als je hier elke dag meer dan een uur mee bezig bent, dan heb je misschien een dwangstoornis. Je kunt het gevoel hebben dat je iets elke keer opnieuw moet doen, omdat je bang bent dat je anders ziek wordt of dat er een ongeluk gebeurt. Vaak weet je dat het niet echt zal gebeuren, maar je blijft er steeds weer aan denken of hebt het gevoel dat iets moet doen. Je voelt je er fijner bij. Een ander woord voor dwangstoornis is Obsessieve Compulsieve Stoornis. Afgekort: OCS.

Voorbeelden van dingen die je steeds opnieuw wil doen als je een dwangstoornis hebt:

  • Handen wassen
  • Kijken of de deur goed dicht of op slot zit
  • Schoonmaken
  • Dingen steeds opnieuw tellen
  • Dingen moeten aanraken
  • Dingen moeten verzamelen

Zo zijn er nog veel meer verschillende manieren waarop je last kunt hebben van een dwangstoornis.

Hoe ontstaat een dwangstoornis?

Het is niet helemaal duidelijk hoe een dwangstoornis ontstaat. Het kan zijn dat het erfelijk is. Dat betekent dat als één van je ouders of broers of zussen het hebben, er een kans is dat jij het ook krijgt. In sommige families komt het vaker voor. Maar het kan ook zijn dat je de enige in de familie bent.

Hoe vaak komt het voor?

Ongeveer 1 tot 2 op de 100 mensen heeft een dwangstoornis.

Gaat het over?

Er zijn weinig mensen met een dwangstoornis bij wie de klachten helemaal weggaan. Maar bij ruim de helft van de mensen helpt behandeling heel goed. Je hebt dan minder last van je dwangstoornis.

Hoe weet je of je een dwangstoornis hebt?

Het kan zijn dat je zelf merkt dat je ergens mee zit of klachten hebt. Maar het kan ook zijn dat je ouders of leraren op school dat merken. Vaak zal je dan eerst naar de huisarts of naar het wijkteam in jouw buurt gaan. Als die denken dat je misschien een dwangstoornis hebt word je doorgestuurd naar een psycholoog of psychiater. Door gesprekken, testjes en vragenlijsten onderzoekt die waar je klachten vandaan komen en hoe je daarbij geholpen kan worden. Het kan zijn dat je niet alleen last hebt van je dwangstoornis, maar ook van andere dingen. Je voelt je bijvoorbeeld vaak verdrietig, of je bent erg druk.

Terug naar boven

Als duidelijk is waar je last van hebt zal een psycholoog samen met jou en je ouders een plan maken om je beter te voelen. Behandeling kan op verschillende manieren.

Psycho-educatie

Je leert wat een dwangstoornis precies is en wat het betekent om ermee te leven. Zo kan je er beter mee leren omgaan en krijg je meer zelfvertrouwen. Ook praat je over de voor- en nadelen van behandeling en over wat er gebeurt als je je gedrag probeert te veranderen.

(Cognitieve) Gedragstherapie

Een therapeut leert je om de terugkerende gedachten en handelingen te stoppen. Door de dwanggedachten voel je je rot en de handelingen voer je uit om een naar gevoel kwijt te raken. De dwanghandelingen helpen vaak maar even en je hebt moet ze steeds vaker doen om het nare gevoel kwijt te raken. In de therapie leer je om met nare gedachten om te gaan zonder de dwanghandelingen uit te voeren. Je leert ook ruimte te maken voor andere gedachten. Dit gaat stapje voor stapje.

Medicijnen

Het kan ook zijn dat je medicijnen krijgt. Die werken vooral goed als je ook de dingen leert die hierboven staan uitgelegd. Elk medicijn kan bijwerkingen hebben. Dat betekent dat je door de medicijnen juist van andere dingen last krijgt. Een psychiater houdt goed in de gaten hoe je op de medicijnen reageert. Lees er meer over op Begrijp je medicijn.

Voor je ouders

Het is belangrijk dat je ouders goed weten wat er aan de hand is en hoe ze daarmee om kunnen gaan. Je ouders leren bijvoorbeeld hoe ze jou bij sommige dingen kunnen helpen.

Voor je omgeving

Denk ook even na of er nog andere mensen zijn – vrienden, een leraar of een mentor - voor wie het goed is om te weten dat je een dwangstoornis hebt. Misschien kunnen zij je helpen. 

Terug naar boven
Direct hulp nodig?