Home   ›   Eetstoornissen

Eetstoornissen

Betrouwbare kennis over eetstoornissen, speciaal geschreven voor jongeren. Wat zijn eetstoornissen? Hoe weet je of je het hebt? Welke behandelingen zijn er?

 

Ben je bang om te eten of bang om aan te komen, ook al heb je best wel erge trek? Of kan je juist niet stoppen met eten of snoepen en heb je soms zoveel spijt dat je dan wilt overgeven? Iedereen laat wel eens eten staan, of eet juist weleens te veel van zijn of haar lievelingseten. Maar als dit te vaak gebeurt heb je misschien last van een eetstoornis. Ook jonge kinderen kunnen een eetstoornis hebben als ze eten écht niet lekker vinden of helemaal niks willen eten.
Meisje voeten weegschaal

De teksten zijn opgesteld in samenwerking met experts en ervaringsdeskundigen. Het Kenniscentrum Kinder- en Jeugdpsychiatrie houdt deze informatie up-to-date.

Wat is een eetstoornis?

Eten doen we allemaal elke dag, en iedereen heeft het nodig. Het is zo normaal dat je er normaal gesproken bijna niet over nadenkt. Als je een eetstoornis hebt is dit anders. Je bent dan vaak de hele dag bezig met wat je moet eten, hoe laat je moet eten en hoeveel je moet (of mag) eten. Doordat je de hele dag bezig bent met denken aan eten, kan het zijn dat je minder contact hebt met je vrienden en vriendinnen. Bezig zijn met eten kan op verschillende manieren, er zijn namelijk verschillende soorten eetstoornissen.

De meest voorkomende eetstoornissen zijn:

  • Anorexia Nervosa (anorexia): Bij anorexia kan het zijn dat je veel minder eet dan je nodig hebt om je goed te ontwikkelen en op te kunnen letten op school of je huiswerk goed te maken. Je bent waarschijnlijk bang om aan te komen of je vindt jezelf te dik, en je zit bijna nooit stol. Als je hele erge anorexia hebt, kan het zijn dat je wel eens flauwvalt of niet (meer) ongesteld wordt. Het (te) weinig eten geeft je een gevoel van zekerheid en controle.
  • Boulimia Nervosa (boulimia): Als je boulimia hebt ben je bang om zwaarder of dik te worden. Soms lukt het om niet te eten maar heb je daarna zoveel trek dat je in één keer heel veel eet, dat heet een eetbui. Tijdens zo’n eetbui heb je het gevoel dat je pas kan stoppen als alles op is. Daarna voel je je rot en kun je bang zijn dat je zwaarder wordt. Daarom spuug je het eten dat je hebt gegeten uit of gebruik je pillen die ervoor zorgen dat je je eten heel snel uitpoept. Soms ga je ook heel veel bewegen om niet zwaarder of dik te worden.
  • Eetbuistoornis: Bij de eetbuistoornis heb je eetbuien en het gevoel niet meer te kunnen stoppen met eten, maar ga je daarna niet spugen, een pilletje nemen om snel te poepen of meer bewegen. Wel heb je na de eetbui waarschijnlijk een heel rottig gevoel waardoor je even nergens zin in hebt en niemand wil zien.

Hoe ontstaat een eetstoornis?

Het is niet precies bekend hoe een eetstoornis kan ontstaan. Er zijn wel een paar dingen waardoor de kans groter is dan bij andere kinderen dat je een eetstoornis kan krijgen. Bijvoorbeeld: als iemand in je familie een eetstoornis heeft, wanneer je gepest wordt of wanneer je onzeker bent, is de kans groter dat je een eetstoornis krijgt.

Hoe vaak komt het voor?

De laatste tijd is niet onderzocht hoeveel kinderen en jongeren een eetstoornis hebben.

Gaat het over?

Hoe jonger je bent hoe groter de kans is dat het overgaat. Het helpt om voor jezelf duidelijke doelen te bedenken, zodat je hier motivatie uithaalt en moed om door te vechten. Natuurlijk heb je daar wel hulp bij nodig. Hieronder lees je hoe dat werkt. Je kan met hulp waarschijnlijk weer gewoon meedoen met je vrienden en klasgenoten en je doelen bereiken. Als je geen hulp krijgt, is het veel moeilijker om van je eetstoornis af te komen. De kans is dan heel groot dat het lastig blijft om gezond te eten.

Hoe weet je of je een eetstoornis hebt?

Het kan zijn dat je zelf denkt dat je niets anders doet dan anderen, maar dat je ouders of andere mensen in je omgeving dat wel denken. Ze kunnen dan vaker vragen hoe met je gaat, en of je wel goed en gezond eet. Als je minder zin krijgt om af te spreken met je vrienden kan dat ook een teken zijn. Een ander teken kan zijn dat je heel erg afvalt of juist aankomt. In plaats van heel erg afvallen kan het ook zijn dat je stopt met groeien of dat je als meisje niet ongesteld wordt terwijl je vriendinnen dat al wel zijn.

Om te weten of je een eetstoornis hebt, kan je het beste naar de huisarts gaan, die kan jou dan vragen om bij te houden wat je elke dag eet (ook hoeveel en wanneer). Als de huisarts denkt dat jij misschien een eetstoornis hebt, stuurt die je door naar een psycholoog en/of een psychiater. Door gesprekken, testjes en vragenlijsten onderzoekt die of je een eetstoornis hebt en welke hulp je nodig hebt om weer gezond te worden.

Terug naar boven

Als duidelijk is wat je klachten zijn, zal een psycholoog samen met jou en je ouders een plan maken om je beter te voelen. Je gezin wordt vaak ook bij de behandeling betrokken. Je zal dan in je eentje gesprekken hebben, maar ook met het hele gezin erbij. Behandeling kan op verschillende manieren:

Cognitieve gedragstherapie

Door cognitieve gedragstherapie leer je welke gedachten en gevoelens ervoor zorgen dat jij een eetstoornis blijft houden. Cognitieve gedragstherapie leert je anders te doen en te denken, waardoor je minder bang wordt voor eten en weer weet en voelt wat normaal eten is. Je leert bijvoorbeeld stapje voor stapje dat je niet heel dik wordt van een gewone portie eten en hoe je eetbuien kan voorkomen.

(Meer)gezinsbehandeling

Hier word je tegelijk met andere gezinnen met een kind met een eetstoornis behandeld. Samen met de andere gezinnen wordt de eetstoornis aangepakt. Je ouders leren zichzelf en jou met je eetstoornis omgaan, en samen met de andere gezinnen proberen jullie weer normaal en regelmatig te eten. Daarbij leren je ouders trucjes om jou te beschermen tegen gedachten en gevoelens die er voor zorgen dat je eetstoornis blijft bestaan.

EMDR

Soms heb je iets moeilijks meegemaakt en heb je het gevoel dat je eetstoornis je helpt om daarmee om te gaan. Deze therapie richt zich niet direct op het eten zelf, maar op de klachten die te maken hebben met de nare of moeilijke gebeurtenis.

Voedingsmanagement

Doordat je een eetstoornis hebt, weet je waarschijnlijk niet meer wat normaal eten is en wat gezond voor je is. Een diëtist kan je dan helpen weer normaal te leren eten.

Medicijnen

Soms wil je helemaal niet geholpen worden of voel je je zo rottig dat je denkt dat je niet geholpen kan worden. Als je bang bent dat je zieker of ongelukkiger wordt zonder eetstoornis kan je daar medicijnen voor krijgen. Medicijnen kunnen bijvoorbeeld helpen om je minder bang te laten voelen of ervoor zorgen dat je weer zin krijgt om dingen te doen. Omdat je met een eetstoornis je lichaam kan beschadigen, kan het soms zijn dat je ook nog medicijnen nodig hebt om je lichaam beter te maken. Elk medicijn kan bijwerkingen hebben. Dat betekent dat je juist van andere dingen last kan krijgen. Je leest er meer over bij Begrijp je medicijn.

Ervaringsdeskundigen

Ervaringsdeskundigen zijn mensen die zelf een eetstoornis hebben gehad en hiervan hersteld zijn. Doordat zij hetzelfde hebben meegemaakt, kunnen zij jou en je ouders helpen door met je te praten.

Websites:

  • Proud2bme: meer informatie over eetproblemen, anorexia, boulima, eetbuistoornis, gezond eten en meer.
  • Weet*: vereniging rond eetstoornissen. De landelijke patiëntenvereniging.
Terug naar boven

Het begon allemaal zo'n 8 jaar geleden. Er is veel gebeurd en het ging per jaar slechter met eten. Maar ik kan beter beginnen bij 3,5 jaar geleden. Ik ging na de mavo een MBO-opleiding onderwijsassistent doen. Van tevoren kon ik niet weten dat het dit jaar allemaal fout zou gaan. Ik kon maar moeilijk wennen aan de nieuwe school, de nieuwe mensen, de nieuwe omgeving en de onveiligheid die ik voelde.

Ik ging steeds minder eten, meer braken en meer laxeren. Op mijn stage zat ik meer op de wc dan in de klas door de laxeerpillen.... en ik maar vol blijven houden dat ik buikgriep had en ik verzon elke keer wel wat anders. Mijn leven draaide om (niet) eten en alles wat erin ging, er weer uit werken door te laxeren, te braken of te sporten. Al snel trok ik het niet meer en ik ben gestopt met de opleiding. Ik ben naar de HAVO gegaan om terug te gaan naar mijn oude bekende school waar ik me zo veilig had gevoeld.

Ik begon aan het 4e jaar van de havo, maar het ging niet beter, eerder slechter. Elke les moest ik de les uitrennen om op tijd op de wc te komen, ik at weinig tot niks meer en het ging steeds slechter. Ik kon me niet meer concentreren, trilde de hele dag door, was constant duizelig en ik sliep hele dagen. Ik ging nog maar halve dagen naar school of zelfs helemaal niet. Ik ben toen in contact gekomen met een orthopedagoog op school die mij zou begeleiden en zou steunen. Ik had prettig contact met haar en kon met haar praten over mijn gedrag rondom het eten en de zelfbeschadiging die ook steeds erger werd.

Op 12 februari heeft ze me direct naar de huisarts gebracht omdat mijn suïcidale gedachten steeds erger werden en ik stemmen in mijn hoofd hoorde. Twee dagen later op 14 februari werd ik met spoed opgenomen in het ziekenhuis door een overdosis medicatie die ik had geslikt. Ik kon het niet meer, ik wilde dat alles op zou houden, dat ik rust had, ik was op. In het ziekenhuis ging alles langs me heen, ik wilde mijn ouders niet naast me hebben en ik wilde ze niet zien. Die nacht toen ik voor de 1000x naar de wc moest, omdat ik liters vocht kreeg toegediend en de laxeerpillen behoorlijk aan het werken waren, keek ik in de spiegel. Ik ben nog nooit zo geschrokken. Wat ik zag, ik keek in een zwart gat, alsof mijn lichaam er stond maar alles wat erin zat al dood was. Zo voelde ik me ook, niks kwam bij mij binnen en toen mijn vader naast me zat te huilen heb ik hem uitgescholden en weggestuurd. Het deed me niks, ik vond dat hij eens normaal moest gaan doen. Ik was compleet van de wereld.

Na mijn ziekenhuisopname had ik zelf de keuze, of naar een kliniek of ambulant. Ik wilde absoluut niet naar een kliniek, er was niks met me aan de hand! Toen ben ik in therapie gekomen bij het Riagg voor mijn eetstoornis maar ik kon hier altijd nog makkelijk weg komen met liegen, ik werd ook nooit gewogen dus mijn gewicht werd toch niet gecontroleerd, zo konden ze ook niet weten dat ik ondertussen nog gewoon aan het afvallen was. Later werd er samen met de huisarts een afspraak gemaakt over een minimum gewicht, zou ik hieronder komen zou ik doorgestuurd worden naar een instelling voor eetstoornissen. Dit gebeurde: vorig jaar had ik mijn intake gesprekken bij Amarum. Ik had zelf nog steeds het idee dat ik er toch niet toegelaten zou worden, ik was niet licht genoeg, ik had geen anorexia! Toen ik in het adviesgesprek te horen kreeg dat ik opgenomen zou worden in de kliniek gingen al mijn haren omhoog staan. Dit kon niet, ik hoorde daar niet!!

30 juni 2008 werd ik opgenomen in de kliniek en mijn gevoel dat ik al had werd alleen nog maar bevestigd. Ik hoor hier niet. Ik ben niet het beeld dat mensen voor zich hebben als ze het woord anorexia horen. Ik had ondergewicht ja, en het ging met eten slecht, ja. Maar ik was niet graatmager. Ik kon hier moeilijk mee leren dealen. Ik heb ook lang aangeschopt tegen alle regels en alles wat er tegen mij gezegd werd. Een therapeut zei tegen mij: je bent misschien niet zo mager als de anderen, maar in je hoofd ben je minstens zo erg als alle anderen.

De kliniek was een moeilijke periode. Ik moest accepteren dat ik ziek was wat ik niet wilde, ik moest aankomen wat ik niet wilde, ik moest normaal gaan eten wat ik niet wilde. Nadat ik een time-out heb gehad omdat ik niet meer aankwam veranderde mijn plek in de groep totaal. Ik voelde me als een nieuweling, alsof ik al die mensen niet kende en voelde me buitengesloten. Ik moest meer stilstaan bij mijn gevoel, wat ik niet kon en dit bracht veel spanning naar boven. Zoveel dat ik vervreemd raakte van mijn omgeving, ik herkende niks meer, ik kreeg stemmen in mijn hoofd en werd weer ontzettend suïcidaal. Zo erg dat ik in een crisis kwam.

Hierna moest ik stoppen met de kliniek omdat mijn situatie te gevaarlijk werd en ze er daar niet mee om konden gaan. De periode in de kliniek was geen pretje, maar nu mis ik de kliniek, de veiligheid, de steun, het contact met de lotgenoten maar ook, hoe gek het ook klinkt de gezelligheid en de lol die ik daar met de groep heb gehad.

Inmiddels ben ik alweer een halfjaar thuis. Ik heb net mijn therapie bij het Riagg weer afgerond en word nog ambulant geholpen bij Amarum. Ik moet zorgen dat ik sterker word, mijn eetstoornis durf los te laten want dat durf ik nog steeds niet. Ik ben er nog niet, ik heb nog een hele lange weg te gaan, niet alleen in mijn eetstoornis maar vooral alles wat daarachter zit.

Ik wil met mijn verhaal duidelijk maken dat niet iedereen gelijk is.

We krijgen misschien dezelfde stempel opgedrukt: anorexia, maar iedereen is anders. En het beeld dat heel Nederland heeft over patiënten met anorexia, ik hoop dat dat verandert, want hierdoor worden veel mensen over het hoofd gezien. Ik was niet zo mager, ik werd nooit serieus genomen en dat is gevaarlijk. Want het gaat niet om hoe je eruit ziet, maar hoe erg de eetstoornis in je hoofd is. Dit moet ik ook nog elke dag tegen mezelf zeggen en ik moet nog heel hard vechten om mijn hoofd boven water te houden. Soms kan ik het niet meer en ben ik in staat om alles op te geven, het is en blijft moeilijk en ben bang voor het leven zonder mijn eetstoornis. Ik kan alleen maar hopen op een mooie, gezonde toekomst die nog voor me ligt.

Benieuwd naar andere persoonlijke verhalen? Kijk dan ook eens op de site van proud2Bme!

Terug naar boven

Iedereen loopt zijn eigen weg in het leven, de weg die begint bij de geboorte. Mijn weg begon 5 januari 1990, 11 weken te vroeg. Vanaf mijn start heb ik veel obstakels moeten overwinnen met veel doorzettingsvermogen. Na deze moeilijke start werd mijn weg makkelijker. Ik had veel vrienden en veel lol. Ik genoot van het leven, iedere minuut! Elke stap die je zet is een stap richting het ouder worden.

Zo werd ik toen ik 13 was ongesteld en veranderde er heel veel in mijn lichaam. Ik kon niet meer alles eten wat ik wilde, maar dat deed ik wel met als gevolg dat ik erg veel aankwam in een korte tijd. Zelf had ik hier geen problemen mee! Ik genoot volop van het leven en mijn school haalde ik makkelijk! Maar mensen rondom mij begonnen zich met mij te bemoeien. Ik moest toch wat gaan oppassen met mijn gewicht. Altijd was ik een heel dun kindje, nu had ik overgewicht.

Toen ik net 15 was (begin 2005) begon ik met lijnen. Hier en daar liet ik een snoepje weg, in plaats van chocopasta nam ik kaas enzovoorts. Geleidelijk aan viel ik af. Ik had een streefgewicht in mijn hoofd en na ongeveer een jaar had ik dit gewicht bereikt. Eten en gewicht was dit jaar een grote rol in mijn leven gaan spelen! Alhoewel dat als kind nooit zo geweest was. Niemand wist hier van, ik liep mijn eigen weg met mijn geheimen dingen. Op mijn streefgewicht voelde ik me nog niet goed. Het streefgewicht zakte met nog een aantal kilo's. Ik begon steeds minder te eten. In het voorjaar van 2006 was het de tijd van Sonja Bakker. Mijn ouders hebben toen het tienerboek gekocht. Achteraf gezien maakte ze zich toen al zorgen en hoopten ze hierdoor dat ik toch bleef eten. Maar dit boek kon ik niet volgen, het was me te veel! Ik had mijn eigen controle nodig.

Mijn weg werd donkerder en liep ver weg van de andere. Ik begon me af te zonderen, had geen zin meer in contacten. Alhoewel ik veel complimentjes kreeg over mijn uiterlijk, wilde ik alleen zijn, alleen met mijn ‘geheim'. In de zomer van 2007 was ik al heel veel kilo's afgevallen, maar nog steeds was ik niet tevreden. Contact met vriendinnen had ik bijna niet meer. In het begin vroegen ze nog wel eens of ik zin had om iets te doen, maar omdat ik toch altijd nee zei was er geen contact meer. Zelf begon ik er toen wel achter te komen dat ik ongezond veel bezig was met eten en gewicht. Meiden van mijn leeftijd (toen 17) deden leuke dingen. Ik heb toen een lange brief naar mijn beste vriendin geschreven en met haar de afspraak gemaakt dat ik niet onder een bepaald gewicht zou komen.

Die vakantie van 2007 ging ik met mijn ouders op vakantie. Verschrikkelijk vond ik dat. 24 uur met elkaar zijn.. daar ging mijn eetlijst. Die was inmiddels zo minimaal, dat zou op gaan vallen! Ik had toen besloten om maar ‘normaal' te gaan eten.. maar dit lukte al niet meer. Mijn ouders zijn die vakantie naar mij toegekomen toen ik huilend op mijn kamer zat. Ik heb alles aan hen verteld en eenmaal weer in Nederland is het balletje richting de hulpverlening gaan rollen.

Mijn weg bleef ik bewandelen, nu wel wat tegen mijn zin. Want ik wilde geen hulp! Het kon toch nog veel erger? Ik was nog niet eens dun.. wat zeurt iedereen toch! Maar de doktoren vonden het wel ernstig genoeg.. ik had elke week gezinsgesprekken maar dit leidde tot weinig. Mijn gewicht bleef dalen en op een gegeven moment at ik bijna niets meer. Bij een klein stukje appel kon ik al in paniek raken en ook kauwgom of cola light was al te veel. Die tijd durfde ik ook geen bodylotion of veel tandpasta meer te gebruiken, stel je voor dat je er dik van werd. Het ging allemaal zo snel dat ik 13 februari van 2008 werd opgenomen in een kliniek.. in het totaal was ik xx kilo afgevallen. Diagnose: ernstige anorexia.

De weg die ik liep was niet meer leuk. Mijn weg was donker en kou en had veel obstakels. Ik heb veel moeten vechten. Na een opname van 4.5 maand, die verschrikkelijk was, mocht ik naar huis. Dat lijkt lang, maar dat is het niet. Achteraf gezien is het te snel. Ik speelde één groot toneelspel. Iedereen dacht dat het goed ging met me.. maar ik wist wel beter. Alle confrontaties die op mijn weg waren gekomen ben ik voorbij gegaan, ik ben ze niet aangegaan. De anorexia was van mij, hoorde bij mij en niemand mocht er aan komen. Daardoor ging het thuis al snel fout. Op mijn stabilisatiegewicht heb ik ook niet lang gezeten en de xx aangekomen kilo's was ik na 4 maanden alweer kwijt. Waardoor ik 29 oktober voor een tweede opname moest. Dit keer met spoed omdat mijn lichaam erg snel achteruit ging.

Deze tweede opname was zwaarder en moeilijker. Dit pad was nog dieper en kouder. Maar op deze weg heb ik mijn angsten, door ze aan te gaan, stap voor stap leren overwinnen. Nu had ik wel zoiets van: ‘afvallen en niks eten heeft me nergens gebracht!'.. ik had geen lichaam meer zoals een meisje van 18 eruit moet zien. Ik droeg een klein kindermaatje. Moeilijk was het wel. Want het afvallen en niet eten blijft iets veiligs en vertrouwds. En niet alleen het dik voelen speelt een rol, er zit zoveel meer achter! Bijvoorbeeld het gevoel van ‘te veel' te zijn op de wereld, willen verdwijnen.

Stap voor stap ben ik dingen gaan leren en al snel mocht ik 13 februari 2009 met ontslag! 3.5 maand duurde deze opname, dat is heel kort. In deze korte tijd heb ik de moeilijkste periode van mijn leven meegemaakt, moeilijker als opname 1 omdat ik nu wel de angsten aanging. Naast anorexia heb ik ook een depressie waarvoor ik medicatie heb gekregen.. door het zélf vechten en de medicatie ben ik gekomen tot waar ik nu ben. Eind 2008 wilde ik niet meer leven en heb ik vele plannen gemaakt om er van af te komen.. nu maart 2009 gaat het goed en wil ik wel weer leven! Hoe ik uit dit diepe dal ben gekomen? Steun, support en liefde van mensen om mij heen, maar vooral omdat ik zelf de keuze heb gemaakt om er voor te gaan, hoe moeilijk dat ook was en is!

Mijn eerste opname deed ik alles omdat het moest van de mensen om mij heen, mijn tweede opname heb ik leren inzien dat ik het niet doe omdat het moet maar omdat ik het wil! En ik wil het ook, ik wil leven.. lopen op een pad dat leuk is, net zoals vroeger! Die weg daar ben ik nog niet.. Het is nog steeds heel moeilijk thuis. Het grootste gedeelte van de dag draait nog om eten en gewicht. Maar tot nu toe blijf ik op gewicht en geniet ik van mijn weg! Vaak kom ik nog op mijn weg een obstakel tegen die ik te lijf ga met mijn ‘gereedschappen' die ik heb opgebouwd in mijn opnames. En dat gaat goed.. en ik hoop dat het goed blijft gaan. Het is zeker nog erg moeilijk, de anorexia wil ik nog niet kwijt, dat blijft iets veiligs en van mij. Ik kan daar nu beter mee leven! Mijn vriendinnen heb ik terug, mijn opleiding kan ik oppakken en mijn leven kan ik gaan leven zoals een 19-jarig meisje dat 'hoort' te doen. Anorexia heb ik zeker nog wel! Want die is niet na 2 opnames weg, het gaat om hoe je er mee om leert gaan. Hoe je de ‘gereedschappen' leert te gebruiken. Mijn tweede opname heb ik daarvoor nodig gehad en ik hoop niet dat ik een derde opname nodig moet hebben..

Waarom ik anorexia heb gekregen of waarom iemand anorexia krijgt? Ik weet het niet.. zo liep mijn weg. Ik vind het vette pech. Het overkomt je, je kiest er niet voor en je kan het niet tegenhouden. Wel kan je er tegen vechten. Eenmaal het gevecht geleverd kom je er sterker uit en kan je je weg in stevigere schoenen lopen! Ik doe mijn best, blijf knokken en hoop dat ik obstakels blijf overwinnen en de goede stappen op mijn weg blijf zetten.

Loop je mee?

Sharon heeft een tijd gewerkt als ervaringsdeskundige voor Proud2Bme.

Benieuwd naar andere persoonlijke verhalen? Kijk dan ook eens op de verhalenpagina van proud2Bme!

Terug naar boven

Video’s over eetstoornissen

Wat is het verschil tussen anorexia en boulimia?

Direct hulp nodig?